Wat weinig mensen weten, is dat in het noorden van Japan een gemeenschap van oorspronkelijke bewoners leeft, de Ainu. Waar de geschiedenis van de huidige bevolking van Japan ruim tweeduizend jaar teruggaat, wonen de Ainu en voorlopers van die cultuur al minstens 40.000 jaar op de Japanse eilanden. Tegenwoordig maakt de groep nog maar een klein deel uit van de gehele Japanse bevolking, maar er is steeds meer aandacht voor hun cultuur. Hedendaagse Ainu mensen houden die cultuur levend door zich te bekwamen in Ainu houtsnijwerk, ceremoniële dansen, het maken van traditionele klederdracht, het spreken van de unieke Ainu taal, en ook het reconstrueren van rietgedekte huizen.
Begin juli van dit jaar bezocht een groep van vier jonge Ainu mannen Nederland. Ze waren hier voor een optreden op het jaarlijkse Japan Festival in Amstelveen. Drie van hen zijn bovendien specialisten in Ainu houtsnijwerk en eindigen steevast in de top drie bij landelijke competities. In Nederland is door de lange handelsrelatie met Japan ook een collectie Ainu voorwerpen terechtgekomen. Die worden al tweehonderd jaar bewaard in Wereldmuseum Leiden. Dat ze de oude houtsnijwerken zouden komen bekijken, stond van tevoren vast. Maar daarnaast bleken ze nog een grote wens te hebben: Nederlandse rieten daken bekijken. Omdat ze zelf meewerken aan onderhoud en reconstructies van traditionele Ainu huizen, chise genaamd, waren ze benieuwd naar de manier van werken in Nederland.
Het optreden van de Ainu mannen op het Japan Festival in Amstelveen. In de achtergrond een projectie van het interieur van een Ainu huis.
De Ainu mannen
Via de Vakfederatie Rietdekkers lukte het om een afspraak te maken met Frans van der Ende, die met zijn ploeg aan een groot project in Nieuwkoop bezig was. Een schot in de roos! Dit was nog eens wat anders dan van een afstandje toekijken naar een bestaand rieten dak. Frans gaf uitgebreide uitleg over de werkzaamheden en leidde ons in de knallende ochtendzon langs alle kanten van het dak.
De Ainu mannen met de rietdekkers van Frans van der Ende op het dak in de Nieuwkoopse ochtendzon. Al snel was het tolkwerk van ondergetekende niet meer nodig, omdat de vakmannen onderling elkaar verstonden, ondanks het taalverschil. Selectie van het riet, het verstevigen van de buitenste hoeken, maar bijvoorbeeld ook het doorgeven van kennis aan een volgende generatie; door video’s en foto’s aan elkaar te laten zien, werd snel duidelijk dat rietdekken in beide landen vergelijkbare uitdagingen met zich meebrengt.
Moderne techniek om kennis over traditioneel vakmanschap
Verschillen zijn er ook: bij de Ainu is het hele huis met riet bedekt, dus ook de horizontale muren. Het riet wordt met natuurlijke materialen zoals vezeltouw aan het houten frame en de panlatten bevestigd. Bovendien worden de schoven riet in rijen op het dak niet uitgeklopt tot één glad dakoppervlak. Daardoor heeft het eindresultaat een soort ‘stap’ voor elke rij schoven. De Ainu huizen die op de traditionele manier gebouwd worden, hebben een vuurplaats in het midden – winters zijn namelijk goed koud in het noorden van Japan. De rook kan ontsnappen via openingen in de nok. Ook hebben de muren op specifieke plaatsen openingen. Daardoor kunnen de natuurgoden van de Ainu, de kamuy, het huis ongehinderd binnentreden en weer vertrekken.
Hierboven zie je Penriuku Hiramura (1833-1903), dorpsleider van Biratori, in ceremoniële kleding voor een rietgedekt huis. De mannen die Nederland bezochten, komen uit deze zelfde plaats op het noordelijkste Japanse hoofdeiland Hokkaido. Japanse handgekleurde foto uit circa 1880, collectie Wereldmuseum Leiden.
De traditionele huizen die mensen uit de Ainu gemeenschap nu bouwen zijn meestal bedoeld als onderdeel van openluchtmusea, en niet voor permanente bewoning. Maar het bouwen heeft nog een belangrijke functie: het brengt de gemeenschap bij elkaar en helpt om kennis en vaardigheid door te geven. En de volgende keer dat er weer gebouwd wordt, kan daar Nederlandse kennis aan toegevoegd worden.




